Algemene informatie
Rapportageraamwerk
Aanpak ten aanzien van duurzaamheidsrapportage
In eerste instantie zou NS vanaf het jaarverslag over 2025 moeten rapporteren volgens de richtlijnen van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) en de bijbehorende standaarden, als onderdeel van de ‘tweede golf’ van rapportage-plichtige bedrijven. Door de Omnibus-voorstellen vanuit de Europese Unie is de verplichting tot rapporteren volgens de CSRD voor NS uitgesteld tot het jaarverslag over 2027, dat wordt gepubliceerd in 2028. Daarom heeft NS ervoor gekozen om tot die tijd haar duurzaamheidsinformatie te blijven rapporteren op basis van de GRI-standaarden. Wel heeft NS de structuur van het jaarverslag 2025 gewijzigd en al gedeeltelijk aan laten sluiten bij de systematiek zoals voorgeschreven voor CSRD-rapportages.
Verslaggevingscriteria
Dit duurzaamheidsverslag is opgesteld met verwijzing naar ('with reference to') de GRI Standards 2021. De GRI-contentindex (new window) staat op de website van het jaarverslag. Daarnaast rapporteren we aanvullende bedrijfsspecifieke indicatoren, waaronder prestatie-indicatoren voor het hoofdrailnet (HRN), die zijn vastgelegd in de Concessie voor het Hoofdrailnet 2025-2033 (HRN concessie 2025-2033). 2025 is het eerste jaar van de HRN concessie 2025-2033. De concessie bevat wijzigingen in indicatoren en scope ten opzichte van de Concessie voor het Hoofdrailnet 2015-2024. Daarom zijn voor de HRN prestatie indicatoren in dit verslag geen vergelijkende cijfers opgenomen.
Voor de berekeningen van CO2 werken we volgens de richtlijnen uit het Greenhouse Gas (GHG) Protocol. Voor de berekening van de HRN prestatie indicator 'Vermeden CO2 uitstoot' volgen we de afspraken met onze concessieverlener.
Reikwijdte
Onze (jaarlijkse) verslaglegging over duurzaamheidsinformatie heeft betrekking op de periode 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025 en omvat de geconsolideerde activiteiten van NS binnen de onderdelen Social (Sociaal), Environment (Milieu) en Governance (Bestuur). De consolidatiekring van het duurzaamheidsverslag is gelijk aan die van de jaarrekening. Het duurzaamheidsverslag bevat daarnaast, waar relevant, informatie over de toeleveringsketen (upstream waardeketen) en afzetketen (downstream waardeketen). Naar aanleiding van beoordelingen van onze gehele waardeketen hebben we de materiële thema’s geïdentificeerd, hun relatieve impact bepaald en per thema gerapporteerd over de relevante delen van de waardeketen.
Wijzigingen in definities of inherente beperkingen in de data ten opzichte van vorig jaar vermelden we in dit verslag.
Schattingen en beoordelingen
In dit duurzaamheidsverslag maken we gebruik van schattingen en beoordelingen, die worden uitgevoerd volgens de procedures in ons rapportagehandboek. De belangrijkste schattingen en beoordelingen betreffen:
emissies als gevolg van inkoop, daar waar product- of leverancier specifieke informatie ontbreekt (scope 3);
emissies als gevolg van voor- en natransport van reizigers (scope 3);
onbekende materiaalinstromen.
Governance
De governance van de duurzaamheidsthema’s binnen NS wordt gestuurd door de raad van bestuur (RvB), die de ambities en doelen bepaalt. De MVO Council, bestaande uit directeuren van diverse bedrijfsonderdelen, fungeert als beleidsvoorbereidend orgaan en komt bijeen onder leiding van het RvB-lid voor MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen), de directeur People & IT. De voortgang op het gebied van duurzaamheid wordt gemonitord via de reguliere planning-, control- en rapportagecyclus, waarbij de MVO Council elk kwartaal de resultaten bespreekt. De verschillende managementteams en directeuren van de bedrijfsonderdelen zijn verantwoordelijk voor beslissingen binnen hun verantwoordelijksheidsgebieden en worden geraadpleegd wanneer dat nodig is.
Beleidsvoorstellen en besluiten worden, indien nodig, ter goedkeuring aan de RvB voorgelegd. Daarnaast wordt er tweemaal per jaar gerapporteerd aan de raad van commissarissen (RvC) of RvC-commissies (risk- en auditcommissie). De afdeling Duurzaam Ondernemen vertaalt de duurzaamheidsdoelen van de RvB naar strategie en beleid. De uitvoering van het beleid ligt bij de bedrijfsonderdelen.
Externe assurance
KPMG heeft op verzoek van NS beperkte mate van zekerheid verschaft bij dit duurzaamheidsverslag. Zie ook het assurance-rapport van de onafhankelijke accountant over de duurzaamheidsinformatie vanaf pagina 267.
Strategie, bedrijfsmodel en waardeketen
NS dient het publieke belang en draagt als staatsdeelneming bij aan maatschappelijke opgaven. We zijn verantwoordelijk voor het treinvervoer op het Nederlandse hoofdrailnet, inclusief de hogesnelheidslijn. Ook zorgen we ervoor dat stations en de stationsomgevingen comfortabele en gastvrije plekken zijn. De opbrengsten van NS over 2025 bedragen € 3.920 miljoen. Hiervan is € 556 miljoen gerelateerd aan stationsontwikkeling en -exploitatie. Het aantal eigen werknemers per 31 december 2025 is 21.369.
Strategie
De uitgangspunten van onze strategie zijn betrouwbaar, betaalbaar en betrokken. We brengen de reiziger op tijd, met zitplaats en veilig van A naar B (betrouwbaar), bieden op prijs, reistijd en gemak een concurrerend en kostenbewust aanbod ten opzichte van de auto, het vliegtuig en andere vervoerders (betaalbaar) en dragen bij aan een leefbare wereld, gelijke kansen en het stimuleren van ontmoetingen (betrokken). Om te kunnen inzetten op betrouwbaar, betaalbaar en betrokken zijn voldoende trotse en vitale NS’ers essentieel. Een solide governance-structuur is het fundament van onze bedrijfsvoering.
Deze uitgangspunten en randvoorwaarden zijn verbonden met onze materiële thema's, die verderop in dit hoofdstuk worden toegelicht in de sectie 'Dubbele materialiteitsanalyse'. De uitgangspunten betrouwbaar en betaalbaar zijn gekoppeld aan het thema 'Bereikbaarheid'. Betrokken komt terug in de thema's 'Klimaat en energie', 'Circulariteit en materiaalgebruik', 'Bereikbaarheid' en 'Werknemers in leveranciersketens'. De randvoorwaarde 'trotse en vitale NS'ers' heeft een directe link met het thema 'Aantrekkelijk en inclusief werkgeverschap' en de voorwaarde van een solide governance-structuur met het thema 'Goed bestuur'.
Bedrijfsmodel
Ons bedrijfsmodel staat centraal bij het toevoegen van waarde aan de samenleving. NS focust op treinvervoer in, van en naar Nederland, het station en de deur-tot-deurreis. Via deze kernactiviteiten geven we invulling aan onze strategie. De belangrijkste bronnen (inputs) voor het optimaal laten functioneren van ons bedrijfsmodel zijn mensen, treinen, stations, andere fysieke locaties zoals onderhoudsbedrijven, spoorinfrastructuur, grondstoffen, energie en technologie.
De activiteiten in ons bedrijfsmodel hebben verschillende meetbare resultaten (outputs), bijvoorbeeld het aantal treinreizen en OV-fiets ritten per dag, medewerkerstevredenheid, CO2-uitstoot, energieverbruik en materiaaluitstroom. Met die resultaten beogen we bepaalde uitkomsten voor groepen of de samenleving. Denk aan het vergroten van de bereikbaarheid van Nederland, het bieden van een veilige, diverse en inclusieve werkomgeving of het vermijden van CO2. Met die uitkomsten hebben we impact op Nederland. Zo faciliteren we ontmoetingen, maken we deelname aan de samenleving mogelijk en dragen we bij aan een leefbare wereld.
Voor meer informatie over onze strategie, organisatiestructuur en kernactiviteiten verwijzen we naar het bestuursverslag.
Waardeketen
De waardeketen van NS omvat alle activiteiten die bijdragen aan het realiseren van onze missie: ‘Samen maken wij Nederland duurzaam bereikbaar. Voor iedereen.’ De waardeketenplaat laat in één oogopslag zien welke materiële duurzaamheidsthema's spelen in iedere stap van onze keten.
Onze keten begint upstream bij de productie en de inkoop van rollend materieel, materialen en energie, gevolgd door het beheer en onderhoud van infrastructuur. In onze eigen operatie verzorgen we de planning en exploitatie van treindiensten, inclusief reizigersservice en klantenservice en het onderhoud en de service van rollend materieel. Daarnaast richten we ons op de reis van deur tot deur door het aanbieden van ketendiensten als OV-fiets en P+R. NS Stations verzorgt het beheer en onderhoud van stations, eigen retailformules en de exploitatie van stations en vastgoed. Downstream activiteiten zijn het extern gebruik van vastgoed en stations en het voor- en natransport van onze reizigers. Afvalverwerking en recycling sluiten onze keten af.
Onze voornaamste leveranciers zijn leveranciers op het gebied van treinen, onderdelen, personele en facilitaire diensten, IT, bouw, retail assortiment en energie. ProRail is leverancier van de spoorinfrastructuur. Onze afnemers zijn onze reizigers (consumenten en zakelijk), huurders van vastgoed en bezoekers van stations.
Dubbele materialiteitsanalyse
In 2025 hebben we de herijking van onze dubbele materialiteitsanalyse afgerond. De materiële onderwerpen geven inzicht in de impact van NS op maatschappelijke kwesties (impact materialiteit) en in hoe maatschappelijke kwesties de ontwikkeling, prestaties en positie van NS beïnvloeden (financiële materialiteit). De materialiteitsanalyse richt zich uitsluitend op de onderwerpen waarmee NS een impact heeft op de maatschappij (zowel positief als negatief) of die een impact kunnen hebben op NS (risico’s en kansen).
Voor de bepaling van de materiële thema’s hebben we de GRI Standards gevolgd, waarbij ook rekening is gehouden met de toekomstige vereisten van de CSRD. Op basis van een uitgebreide interne inventarisatie, de materialiteitsanalyse 2024 en uiteenlopende interne en externe bronnen is een longlist van duurzaamheidsonderwerpen samengesteld. Bij het opstellen hiervan is rekening gehouden met de eigen activiteiten, geografische werkgebieden en de activiteiten in de waardeketen van NS. De duurzaamheidsonderwerpen op de longlist zijn vervolgens geclusterd en gedefinieerd, waarna impacts, risico’s en kansen (IRK's) per onderwerp zijn vastgesteld.
Na het formuleren van de definities en de impacts, risico’s en kansen zijn de impacts beoordeeld op scope/reikwijdte, schaal, herstelbaarheid en waarschijnlijkheid en de kansen en risico’s op omvang/effect en waarschijnlijkheid. NS hanteert een drempelwaarde voor het prioriteren van IRK’s. Een onderwerp wordt als materieel aangemerkt wanneer het op ten minste één van de twee criteria (impact of financieel) materieel is. De vastgestelde drempelwaarde sluit aan bij de risicobereidheid van NS en is geaccordeerd door de RvB.
We hebben de voorlopige uitkomsten van onze materialiteitsanalyse besproken met een uitgebreide selectie van onze externe partners en stakeholders. Dit deden we via onze bestaande stakeholderdialoog. Na validatie met de externe partners en stakeholders hebben we de dubbele materialiteitsanalyse verder aangescherpt. NS heeft zes materiële thema’s geïdentificeerd. De definitieve thema’s zijn vastgesteld door de RvB. De RvC is gedurende het proces geïnformeerd.
Uit onze dubbele materialiteitsanalyse blijkt dat de beschikbare informatie over de upstream-waardeketen op dit moment beperkt is. Voor het duiden van mogelijke impacts, risico’s en kansen op het gebied van biodiversiteit, verontreiniging en water is aanvullende informatie en onderzoek nodig. Dit geldt ook voor het verkrijgen van een beter beeld van de potentiële impacts van NS op werknemers in de upstream waardeketen. Nieuwe inzichten in de upstream-waardeketen neemt NS in de toekomst mee in de herbeoordeling van de dubbele materialiteitsanalyse.
Materiële thema’s
Het onderstaande diagram bevat een overzicht van onze materiële duurzaamheidsthema’s:
Ten opzichte van 2024 is het aantal thema’s teruggebracht, voornamelijk door samenvoeging van verschillende onderwerpen. De thema’s ‘Operationele prestaties’, ‘Klanttevredenheid’, ‘Deur-tot-deurreis’ en ‘Stations van wereldklasse’ uit 2024 zijn in 2025 samengebracht onder het overkoepelende thema ‘Bereikbaarheid’. Tegelijkertijd is het thema ‘Duurzaam ondernemen’ uit 2024 in 2025 gesplitst in de onderwerpen ‘Klimaat en energie’, ‘Circulariteit en materiaalgebruik’ en ‘Werknemers in leveranciersketen’. Een uitgebreide toelichting op de duurzaamheidsthema’s, inclusief relevante impacts, risico’s en kansen, is te vinden in de onderstaande tabel.
|
Thema/sub-thema |
Materiële impacts, risico's en kansen |
Waardeketen |
|
|
1. Bereikbaarheid |
|||
|
Betrouwbaar en toegankelijk vervoer |
De impact van NS op het bereikbaar maken en houden van Nederland |
Positieve impact |
Downstream |
|
De impact van NS op de mogelijkheid van deelname aan het maatschappelijk verkeer door mensen met een beperking |
Positieve impact |
Downstream |
|
|
Het risico op toenemende verstoringen in de dienstregeling door onvoldoende beschikbaarheid van materieel |
Risico |
Eigen operatie |
|
|
Het risico op toenemende verstoringen in de dienstregeling door onvoldoende kwaliteit of beschikbaarheid van infrastructuur |
Risico |
Upstream |
|
|
Veiligheid |
De impact van de veiligheid van de bedrijfsvoering van NS op het welzijn van mensen |
Negatieve impact |
Downstream |
|
Het risico op uitval van processen door een cybersecurity incident |
Risico |
Eigen operatie |
|
|
2. Aantrekkelijk en inclusief werkgeverschap |
|||
|
Arbeidsvoorwaarden en arbeidsverhoudingen |
De positieve of negatieve impact van NS op medewerkers door de geboden arbeidsvoorwaarden en arbeidsverhoudingen |
Positieve en negatieve impact |
Eigen operatie |
|
Diversiteit en inclusie |
De positieve impact van een diverse en inclusieve werkomgeving op de betrokkenheid en het welzijn van medewerkers |
Positieve impact |
Eigen operatie |
|
Sociale veiligheid en gezonde werkomgeving |
Het risico van toenemende agressie in de samenleving |
Risico |
Eigen operatie |
|
Werving, opleiding en ontwikkeling |
Het risico van personeelstekorten op cruciale plekken |
Risico |
Eigen operatie |
|
3. Werknemers in leveranciersketens |
|||
|
Arbeidsomstandigheden in leveranciersketens |
De potentiële impact van NS op arbeidsnormen en mensenrechten van werknemers in haar leveranciersketens |
Positieve en negatieve impact |
Upstream |
|
4. Klimaat en energie |
|||
|
Klimaatmitigatie |
De positieve impact van vermeden CO2-emissies door het aanbieden van duurzame vervoersmogelijkheden als alternatief voor vliegtuig en auto |
Positieve impact |
Eigen operatie |
|
De negatieve impact van CO2-emissies veroorzaakt in de waardeketen van NS, gerelateerd aan de activiteiten van NS (scope 1, 2 en 3 emissies) |
Negatieve impact |
Gehele waardeketen |
|
|
De negatieve impact van het energieverbruik in de bedrijfsvoering van NS op de beschikbaarheid van energie in Nederland |
Negatieve impact |
Eigen operatie |
|
|
Klimaatadaptatie |
Het risico dat kritieke stations en gebouwen onbereikbaar of niet beschikbaar zijn door toegangsbeperkingen of schade veroorzaakt door toenemende wateroverlast en hitte als gevolg van klimaatverandering |
Risico |
Eigen operatie |
|
Het risico op verstoringen in de dienstregeling door uitval en beperkingen in infrastructuur veroorzaakt door toenemende wateroverlast en droogte als gevolg van klimaatverandering |
Risico |
Upstream |
|
|
5. Circulariteit en materiaalgebruik |
|||
|
Materiaalinstromen en materiaalgebruik |
De impact van het gebruik van materialen en grondstoffen in de bedrijfsvoering van NS op de beschikbaarheid van materialen en (kritieke) grondstoffen |
Positieve en negatieve impact |
Upstream en eigen operatie |
|
Het risico op schaarste en stijgende prijzen van kritieke grondstoffen die essentieel zijn voor de productie, werking en het onderhoud van treinen |
Risico |
Upstream |
|
|
Materiaaluitstromen en afval |
De negatieve impact van de hoeveelheid lineair afval die vrijkomt in onze bedrijfsvoering op emissies en beschikbaarheid van materialen en grondstoffen |
Negatieve impact |
Eigen operatie |
|
6. Goed bestuur |
|||
|
Organisatiecultuur, integriteit en compliance |
De impact van een integere en transparante bedrijfsvoering van NS op de maatschappij |
Positieve en negatieve impact |
Gehele waardeketen |
Dialoog met externe partners en stakeholders
NS heeft dagelijks contact met reizigers. Daarnaast onderhouden we intensieve relaties met externe partners en stakeholders. Met hen voeren we een op vertrouwen gebaseerde dialoog. Dat stelt ons in staat om samen kansen te benutten, potentiële risico’s vroegtijdig te identificeren en deze waar mogelijk te beheersen. De gesprekken met onze externe partners en stakeholders leiden tot waardevolle kennis en ideeën voor onze organisatie. Ook dragen ze bij aan een verbeterde en duurzame dienstverlening aan reizigers. De voortdurende dialoog verrijkt ons en helpt ons bij het maken van afwegingen om Nederland duurzaam bereikbaar te houden voor iedereen.
Onze externe partners en stakeholders
Als stakeholders van NS beschouwen we alle organisaties die een belang vertegenwoordigen van een groep mensen, dat beïnvloed wordt door onze acties. Vaak hebben deze groepen mensen op hun beurt weer invloed op onze organisatie en dienstverlening. Een voorbeeld zijn de consumentenorganisaties in het Landelijk Overleg Consumentenbelangen Openbaar Vervoer (Locov). Daarnaast heeft NS externe partners, zoals onze concessieverlener het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, onze aandeelhouder het ministerie van Financiën en de spoorwegbeheerder ProRail. We werken continu samen met externe partners en stakeholders en monitoren voortdurend wie onze externe partners en stakeholders zijn.
De aard van een aantal van onze contacten met externe partners en stakeholders is ingegeven door wetgeving (zoals ministeries en toezichthouders), samenwerking in de keten (met vervoerders en ProRail) en het publieke karakter van onze dienstverlening (waaronder de politiek en consumenten- en belangengroepen). Ook stakeholders met wie we vanwege een onderwerp slechts tijdelijk te maken hebben, kunnen een relevante inbreng hebben en geven we een stem. In het afgelopen jaar ging de dialoog met stakeholders onder meer over de betaalbaarheid van de trein, sociale veiligheid en de ontwikkeling van de dienstregeling. De dialogen met onze externe partners en stakeholders vinden op verschillende niveaus in de organisatie plaats. Ook de raad van bestuur is hierbij actief betrokken.
De aard en inhoud van de dialoog met externe partners en stakeholders zijn samengevat in de tabel aan het einde van deze sectie, met verwijzing naar de materiële thema’s die tijdens de reguliere gesprekken aan bod komen. Daarnaast hebben we de uitkomsten van onze dubbele materialiteitsanalyse binnen de bestaande dialoog getoetst bij een brede selectie van externe partners en stakeholders.
Samenwerking in de vervoersketen
Wij vinden dat samenwerking met partners in de vervoersketen onmisbaar is bij het realiseren van een optimale reis van deur tot deur. Dat is terug te zien in alle lagen van onze organisatie: operationeel en strategisch. We werken met andere partijen samen onder andere als lid van OVNL en de Mobiliteitsalliantie, organisaties die ernaar streven om mobiliteit binnen Nederland te verbeteren en optimaliseren. Voorbeelden van andere samenwerkingsorganisaties waarin NS vertegenwoordigd is, zijn Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), VNO/NCW, Community of European Railway and Infrastructure Companies (CER), Union Internationale des Chemins de fer (UIC), Future Up (voorheen MVO Nederland), Railsponsible, de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE) en de Nederlandse Vereniging voor Circulaire Economie (NVCE).
Toekomstbeeld OV 2040
NS heeft bijgedragen aan de nieuwe opdracht voor Toekomstbeeld OV 2040, die aansluit op de Mobiliteitsvisie en de Nota Ruimte. NS speelde een actieve rol in het afronden van de werkstroom OV-knooppunten. De gesprekken over ontwikkelingen op en rond stations worden voortgezet binnen bestaande samenwerkingsverbanden, zoals DOVA (Decentrale OV-Autoriteiten), kennisplatform CROW, ProRail en NS Stations. Hierdoor houden we zicht op deze mobiliteitshubs en kunnen we gericht inspelen op nieuwe ontwikkelingen.
Regionaal maatwerk
Jaarlijks overleggen regionale bestuurders en de raad van bestuur van NS over gezamenlijke thema's en over de samenwerking tussen regio’s en NS. Veel inzet van regio's en NS is gericht op ontwikkeling van de spoor- en OV-infrastructuur en op de rol van de trein in de bereikbaarheidsprogramma’s. Regionale bestuurders staan voor grote opgaven en complexe uitdagingen, zoals de mobiliteitstransitie, grootschalige infrastructuur werkzaamheden en woningbouw en daarmee samenhangende vraagstukken. NS kan bijdragen aan het oplossen van deze opgaven. Daarnaast is veel dialoog over sociale veiligheid, ‘modal shift’ naar OV, reisgedrag en spreiden.
Samenwerking binnen regionale MIRT-projecten
Het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) van de Rijksoverheid richt zich op bereikbaarheid, veiligheid en ruimtelijke inrichting. NS speelt een actieve rol in regionale MIRT-trajecten zoals de Flessenhals Meppel en Eindhoven Knoop XL. Deze projecten verbeteren de bereikbaarheid per spoor door investeringen in snellere, frequentere treindiensten en vernieuwing van stations. NS werkt hierbij nauw samen met regionale partijen, overheid en ProRail, en draagt met landelijke kennis bij aan een efficiënt en toekomstbestendig netwerk dat aansluit bij de opgaven en ambities van Nederland.
Overleg met vakbonden
NS hecht veel waarde aan een goede relatie met de vakbonden. In augustus 2025 heeft NS met de vakbonden een nieuwe cao afgesproken met een looptijd van 1 maart 2025 tot 1 maart 2027. NS sprak het afgelopen jaar met de vakbonden over de implementatie van de cao, de Zwaar Werkregeling en verschillende organisatieveranderingen.
Dilemma’s in overleggen
Door vroegtijdig dilemma’s te delen met externe partners en stakeholders proberen we inzicht te geven in onze afwegingen en gezamenlijk tot oplossingen te komen. We geven externe partners en stakeholders feedback over hun ideeën en adviezen en laten zien wat de effecten van de dialoog zijn op ons beleid. Dat doen we in reguliere overleggen, themasessies en verslagen. Het doel is dat reizigers hiervan profiteren, maar vaak is het onvermijdelijk dat een keuze nadelige neveneffecten heeft voor een deel van de reizigers of voor de financiën van NS. Een voorbeeld is het stopzetten van de Jongerendagkaart.
|
Stakeholder/partner |
Aard dialoog |
Inhoud dialoog |
|
Europees |
||
|
EU-instituten, CER, UIC |
Informerend, creërend en positiebepalend |
Materiële thema's: 1, 3, 4 |
|
Nationaal |
||
|
Klanten (consumenten en zakelijk) |
Informerend, creërend, monitorend |
Materiële thema's: 1, 4 |
|
Ministerie van Financiën |
Intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 2, 3, 4, 5, 6 |
|
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat |
Intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 1, 2, 4, 5, 6 |
|
Nationale politiek |
Informerend, intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 1, 2, 4, 5, 6 |
|
Toezichthouders ACM, IL&T, Autoriteit Persoonsgegevens (AP) |
Betrokkenheid, consulteren (‘guidance’) en informeren |
Materiële thema's: 1, 6 |
|
ProRail |
Intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 1, 4 |
|
Locov, Belangenorganisaties, NGO’s, groene partners zoals Natuur & Milieu |
Intensieve betrokkenheid (Locov), betrokken, consulteren, informeren (belangenorganisaties, NGO's en groene partners) |
Materiële thema's: 1, 4 |
|
Vakbonden |
Intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 2, 6 |
|
Leveranciers, onderaannemers |
Consulteren, onderhandelen |
Materiële thema's: 3, 4, 5 |
|
Media |
Informerend, intensieve betrokkenheid |
Materiële thema's: 1, 2, 3, 4, 5, 6 |
|
Bestuurders en ambtelijke vertegenwoordigers provincies, metropoolregio’s en gemeenten, andere vervoerders en consumentenorganisaties |
Informerend, onderhandelen, samenwerken |
Materiële thema's: 1, 4, 6 |
|
Intern: centrale ondernemingsraad, decentrale ondernemingsraden |
||