Financiën
2025 was het eerste jaar van de nieuwe HRN-concessie, en mijn eerste volledige jaar als CFRO.
Nu we dat jaar hebben afgesloten, durf ik voorzichtig te zeggen dat ik niet ontevreden ben. Voor het eerst sinds 2019 is het onderliggende bedrijfsresultaat licht positief. We zijn op de goede weg, maar we zijn er nog niet.
Structureel gezonde resultaten zijn hard nodig. We moeten aan onze aflossingsverplichtingen en rendementseisen voldoen om te kunnen blijven investeren in zaken die voor de reiziger nodig zijn. Zo besloten we in 2025 om nieuwe treinen te kopen, een forse investering in de toekomst. Daarnaast vinden we het belangrijk dat reizen met de trein betaalbaar is. Daarom moeten we blijven groeien en daar zetten we de komende jaren ook flink op in. We verwachten meer reizigers in de trein te mogen ontvangen. Kortom: we zoeken naar de balans tussen goede dienstverlening nu, investeren in de toekomst en het financieel gezond houden van de organisatie.
We zijn heel scherp geweest op onze kosten. Ons besparingsprogramma is stevig: het loopt en we gaan er de komende jaren mee door. Dat moet ook wel. Na een aantal slechte jaren hebben we een bescheiden positief operationeel resultaat, als je bijzondere kosten buiten beschouwing laat. Onze kosten zijn omhooggegaan. Onze schuld is vooral in coronatijd hoog opgelopen en de stijgende rentelasten drukken zwaar.
Onze reizigers, onze aandeelhouder en onze concessieverlener kunnen erop rekenen dat wij elke uitgave zorgvuldig afwegen. Het resultaat van 2025 stemt hoopvol en benadrukt dat onze inspanningen effect hebben. Tegelijkertijd beseffen we dat er nog genoeg werk aan de winkel is om onze financiële basis verder te verstevigen.
Angelique Magielse, directeur Finance & Risk
Onderliggend resultaat uit bedrijfsactiviteiten verbetert, maar is nog onvoldoende voor een financieel gezond NS
Onderstaand overzicht is een andere opzet van de winst- en verliesrekening zoals gerapporteerd in de jaarrekening. De opbrengsten en bedrijfslasten zijn geschoond voor bijzondere posten[1], die worden gespecificeerd in de aansluiting naar het resultaat voor winstbelastingen zoals gerapporteerd in de jaarrekening. Raadpleeg voor de reguliere opzet van de winst- en verliesrekening de jaarrekening.
|
Winst- en verliesrekening (alternatieve opzet) |
||
|
(in miljoenen euro's) |
2025 |
2024 |
|
Treingerelateerd vervoer |
3.364 |
3.178 |
|
Stationsontwikkeling en -exploitatie |
556 |
520 |
|
Opbrengsten |
3.920 |
3.698 |
|
Kosten personeel |
1.782 |
1.723 |
|
Afschrijvingskosten |
434 |
490 |
|
Kosten grond- en hulpstoffen |
390 |
329 |
|
Geactiveerde productie eigen bedrijf |
-60 |
-63 |
|
Kosten van uitbesteed werk en andere externe kosten |
513 |
487 |
|
Infraheffing en concessievergoeding |
462 |
533 |
|
Overige bedrijfslasten |
386 |
342 |
|
Bedrijfslasten |
3.908 |
3.841 |
|
Aandeel in resultaat investeringen (verwerkt middels equity-methode) |
-1 |
2 |
|
Onderliggend resultaat uit bedrijfsactiviteiten |
11 |
-141 |
|
Financieringsbaten |
32 |
60 |
|
Financieringslasten |
-60 |
-30 |
|
Netto financieringsresultaat |
-28 |
30 |
|
Onderliggend resultaat voor winstbelastingen |
-17 |
-111 |
|
Resultaatsimpact bijzondere waardeverminderingen |
582 |
23 |
|
Voorziening zwaar werk regeling |
-178 |
- |
|
Diversen |
45 |
-30 |
|
Effect bijzondere posten |
449 |
-7 |
|
Resultaat voor winstbelastingen |
432 |
-118 |
|
Winstbelasting |
-54 |
-6 |
|
Resultaat uit beëindigde bedrijfsactiviteiten, na belastingen |
2 |
-17 |
|
Resultaat over de verslagperiode |
380 |
-141 |
In 2025 had NS een onderliggend resultaat uit bedrijfsactiviteiten[1] van € 11 miljoen (2024: € -141 miljoen). Dat is een flinke verbetering ten opzichte van het jaar ervoor, maar nog onvoldoende voor een financieel gezond NS. Verdere verbetering is nodig om de fors opgelopen schuldpositie (en rentelasten), als gevolg van verliezen en investeringen de afgelopen jaren, terug te dringen.
Gestegen opbrengsten
De opbrengsten uit reizigersvervoer zijn met 6% gestegen tot € 3.364 miljoen (2024: € 3.178 miljoen) en de opbrengsten vanuit Stations met 7% tot € 556 miljoen (2024: € 520 miljoen).
Het aantal reizigerskilometers is in 2025 2,9% gestegen ten opzichte van 2024, gecorrigeerd voor de effecten van de stakingen en het schrikkeljaar. De omvang is, met name door het ingeburgerde thuiswerken, echter nog steeds onder het niveau van 2019 (het laatste jaar vóór corona).
Ook in 2025 was sprake van opbrengstenderving (en extra kosten) door externe factoren zoals problemen met de infrastructuur door werkzaamheden en verstoringen.
Beperkte stijging bedrijfslasten
Zonder de incidentele en bijzondere boekhoudkundige posten bedragen de bedrijfslasten € 3.908 miljoen (2024: € 3.841 miljoen). Dit is vergelijkbaar met 2024. De bedrijfslasten zijn, onder meer door de uitvoering van het besparingsprogramma, slechts beperkt gestegen. Dit ondanks de prioriteit die NS geeft aan de operationele prestaties, door bijvoorbeeld uitbreiding van de dienstregeling en voldoende collega’s en materieel om de dienstregeling robuust uit te voeren.
De kosten voor onder meer personeel en energie gingen in 2025 omhoog. De personeelskosten, veruit de grootste kostenpost, zijn met 3% toegenomen tot € 1.782 miljoen (2024: € 1.723 miljoen). De stijging wordt gedreven door loonsverhogingen en een toename in het aantal directe medewerkers bij NS. Het aantal directe medewerkers bij NS is gemiddeld met 3% toegenomen tot einde jaar 13.470 fte (2024: 13.234 fte). Het aantal indirecte medewerkers is door besparingsmaatregelen daarentegen gemiddeld met 3% afgenomen tot einde jaar 6.482 fte (2024: 6.683 fte). De energiekosten voor onder andere de treinen en de huisvesting stegen met 28% tot € 202 miljoen (2024: € 158 miljoen), met name door gestegen prijzen.
De kosten voor infraheffing en concessievergoeding zijn € 462 miljoen (2024: € 533 miljoen). De daling is te verklaren door een overgang in de nieuwe HRN-concessie van een te betalen concessievergoeding van € 86 miljoen naar een te ontvangen concessie-subsidie van € 13 miljoen.
Sterke toename netto financieringslasten
Het netto financieringsresultaat is € -28 miljoen (2024: € 30 miljoen). NS heeft forse financieringslasten vanwege de hoog opgelopen schuldpositie als gevolg van de verliezen en investeringen in de afgelopen jaren. De financieringslasten bedragen € 81 miljoen (2024: € 77 miljoen). Van deze financieringslasten is een bedrag van € 21 miljoen (2024: € 47 miljoen) aan bouwrente geactiveerd op de balans, zodat een netto financieringslast van € 60 miljoen (2024: € 30 miljoen) resteert.
Forse resultaatsimpact bijzondere waardevermindering en zwaar werkregeling
In 2020 heeft NS een bijzondere waardevermindering verantwoord over de vaste activa van het HRN, als gevolg van de impact van de coronapandemie op NS. De waardevermindering kwam met name door de beperkte verwachte verdiencapaciteit vergeleken met het marktconforme rendement. De waardevermindering wordt jaarlijks herijkt op basis van vooruitzichten. In 2025 heeft herwaardering geleid tot een terugname van de bijzondere waardevermindering voor een bedrag van € 582 miljoen (2024: € 23 miljoen). Dat bedrag bestaat uit een herwaardering eind 2025 van € 468 miljoen en een lagere afschrijvingslast over 2025 van € 114 miljoen. Een substantieel deel van deze terugname wordt veroorzaakt door een gewijzigde schatting van de technische levensduur van een deel van het materieel van 20 naar 30 jaar. Hoewel (herijking van) de bijzondere waardevermindering forse impact heeft op het resultaat, is het in principe uitsluitend een boekhoudkundige post die volgt uit toepassing van de verslaglegging standaard IFRS. Bij doorzetting van het HRN-contract heeft de bijzondere waardevermindering geen impact op inkomsten en uitgaven en zodoende op de financiële positie van NS. Meer daarover in de volgende paragraaf.
NS heeft in 2025 een nieuwe zwaar werkregeling afgesproken in de cao, waarmee medewerkers die onder zware omstandigheden, zoals onregelmatige tijden en agressie, hebben gewerkt tot drie jaar voor hun AOW-leeftijd kunnen stoppen en daarbij een vergoeding krijgen. De met terugwerkende kracht opgebouwde rechten zijn in 2025 voorzien voor € 188 miljoen. De betalingen vinden de komende decennia plaats. De opbouw is voor € 178 miljoen als bijzonder aangemerkt en uit het onderliggend resultaat gehaald. Dit betreft het gedeelte dat effectief betrekking heeft op opbouw in voorgaande jaren als de regeling eerder zou zijn geïntroduceerd.
Rekening houdend met bijzondere posten is het gerapporteerde resultaat voor winstbelastingen in 2025 € 432 miljoen (2024: € -118 miljoen). Gecombineerd met winstbelasting van € -54 miljoen (2024: € -6 miljoen) en het resultaat uit beëindigde bedrijfsactiviteiten na belastingen van € 2 miljoen (2024: € -17 miljoen) resulteert een nettowinst van € 380 miljoen (2024: € -141 miljoen).
Verbetering in operationele inkomsten zichtbaar
In aanvulling op de boekhoudkundige resultaten wordt hieronder gereflecteerd op een aantal kasstroomgerelateerde indicatoren. De volgende grafieken geven van de afgelopen jaren de operationele inkomsten[2], de investeringsuitgaven[3] en het saldo en de daarmee op lange termijn relatie houdende ontwikkeling van de netto schuldpositie[4] van NS weer.
De operationele inkomsten zijn uitgekomen op € 342 miljoen (2024: € 246 miljoen). NS heeft in 2025 met € 300 miljoen (2024: € 483 miljoen) opnieuw fors geïnvesteerd in met name de aankoop van nieuwe treinen en het moderniseren van bestaande treinen. NS is de afgelopen jaren, ondanks achterblijvende operationele inkomsten die alleen deels zijn gecompenseerd door steunmaatregelen van de overheid als gevolg van de coronapandemie, fors blijven investeren. De netto schuld is zodoende opgelopen tot € 1.216 miljoen (2024: € 1.093 miljoen). De toename van de schuldpositie in de afgelopen jaren was, gegeven het omvangrijke investeringsprogramma, deels voorzien maar is aanzienlijk hoger uitgevallen door de coronapandemie. De netto schuldpositie resulteerde in 2025 in € 61 miljoen (2024: € 36 miljoen) netto rente-uitgaven. Om te kunnen blijven investeren in de mobiliteit voor de toekomst en het maatschappelijk belang te kunnen blijven dienen is het van belang dat de verbetering in de operationele inkomsten doorzet.
Standard & Poor’s (S&P) is een onafhankelijk kredietbeoordelingsbureau en beoordeelt al langere tijd de kredietwaardigheid van NS Groep N.V. Een belangrijke indicator is de verhouding tussen varianten van de operationele inkomsten en de netto schuldpositie indicatoren. Het aandeelhouderschap van de Nederlandse Staat bevordert de beoordeling van de kredietwaardigheid door S&P. In de meest recente beoordeling van juli 2025 staat de rating op A met een stabiel vooruitzicht, onveranderd ten opzichte van de beoordeling per juni 2024.
Vooruitblik
NS gaf in de jaren na corona meer geld uit dan het verdiende, als gevolg van het blijvend lagere aantal reizigers en stijgende kosten voor onder andere infrastructuur, energie en personeel en forse investeringen in onder meer nieuwe treinen en modernisering van treinen. Toch gaat het sinds corona ieder jaar een stapje beter. Dat wordt gerealiseerd door scherp te sturen op kosten en nieuwe maatregelen om de opbrengsten te verhogen. We werken aan een besparingsprogramma van € 200 miljoen per jaar, waarvan inmiddels zo’n € 60 miljoen is gerealiseerd. Dit doen we onder andere door toe te gaan naar een kleiner hoofdkantoor (minder indirecte medewerkers), advieskosten te verlagen en te besparen op IT. Door materieel slimmer te plannen worden onderhoudskosten bespaard en op termijn materieelbestellingen verkleind. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan verhoging van de opbrengsten, door meer reizigers te verleiden om vaker te reizen, met name in het dal en door actief in te zetten op verdere groei in de zakelijke markt. Dat doen we onder meer door uitbreiding van de NS PrijsTijd Deals, verbeterde aansluitingen en marketingcampagnes gericht op spreiding van reizigersstromen. De afgelopen jaren zijn de tarieven minder hard gestegen dan de inflatie. In 2022 was de inflatie bijvoorbeeld 10%, terwijl de prijs van een treinkaartje met 1,5% steeg. NS corrigeert deze achterstand deels en stapsgewijs; in 2026 stijgen de tarieven met 6,5% door reguliere en inhaalindexatie. In 2027, 2028 en 2029 zetten we daarin volgende stappen door jaarlijks 1% meer dan de inflatie te verhogen. Door herstel van de operationele inkomsten verwachten we dat de schuldpositie en de bijbehorende rentelasten de komende jaren zullen afnemen.
Hieronder volgen de voetnoten horend bij Financiën.
- 1Onderliggend resultaat uit bedrijfsactiviteiten/ voor winstbelastingen: resultaat respectievelijk uit bedrijfsactiviteiten en voor winstbelastingen gecorrigeerd voor het effect van omvangrijke incidentele posten, bijzondere boekhoudkundige posten en bijzondere verrekening posten met voorgaande jaren.
- 2Operationele inkomsten: indicator van kasgeneratie ter dekking van onder meer investeringsuitgaven (op de lange termijn). De indicator is samengesteld op basis van de winst- en verliesrekening en het kasstroomoverzicht in de jaarrekening en betreft het resultaat uit bedrijfsactiviteiten gecorrigeerd voor non-cash posten daarin (afschrijvingen, mutatie personeelsbeloningen, mutatie voorzieningen, mutatie aan komende jaren toe te rekenen baten, resultaat uit investeringen verwerkt volgens de equity-methode en mutatie langlopende verplichtingen niet resulterend in kasstromen) en aangevuld met relevante inkomsten en uitgaven (betaalde rente, ontvangen financieringsbaten, ontvangen/betaalde winstbelastingen en aflossing van leaseverplichtingen). In 2024 is de indicator € 36 miljoen hoger dan afleidbaar uit het kasstroomoverzicht. Dit betreft een correctie voor investeringen waarvan de facturen direct zijn betaald door de financierende partij, met als tegenhanger een verhoogde schuld van NS aan de financierende partij.
- 3Investeringsuitgaven: investeringsuitgaven betreffen hier uitsluitend de verwerving van (im)materiële vaste activa en vastgoedobjecten na aftrek van gerelateerde subsidies en vervreemde (im)materiële vaste activa en vastgoedobjecten. In 2024 is de indicator € 36 miljoen hoger dan afleidbaar uit het kasstroomoverzicht. Dit betreft een correctie voor investeringen waarvan de facturen direct zijn betaald door de financierende partij, met als tegenhanger een verhoogde schuld van NS aan de financierende partij.
- 4Netto schuld: betreft uitsluitend de onderhandse leningen zoals genoemd in de jaarrekening, na aftrek van geldmiddelen en kasequivalenten (exclusief zekerheidsgelden inzake energiecontracten), geldmarktfondsen en kortlopende deposito’s.