17. Debiteuren en overige vorderingen

(in miljoenen euro's)

31 december 2017

31 december 2016

Vorderingen op opdrachtgevers uit onderhanden projecten

-

1

Debiteuren

246

228

Nog te factureren opbrengsten

208

202

Overige belastingen en sociale lasten

26

23

Overige vorderingen

168

270

Totaal

648

724

Onder de debiteuren en overige vorderingen is een bedrag opgenomen van € 3 miljoen (2016: € 104 miljoen) met betrekking tot verbonden partijen (ProRail en Rijksoverheid).

Ultimo 31 december 2016 is onder de overige vorderingen is het kortlopende deel van de vordering (€ 120 miljoen) op het Spoorwegpensioenfonds opgenomen en het kortlopende deel van de vordering inzake correctiemechanisme concessievergoeding (€ 15 miljoen).

De ouderdomsopbouw van de debiteuren op de verslagdatum was als volgt:

(in miljoenen euro's)

31 december 2017

31 december 2016

 

Bruto

Voorzien

Bruto

Voorzien

Nog niet opeisbaar

206

-

137

-

Opeisbaar 0-30 dagen

23

-

78

-

Opeisbaar 31-120 dagen

14

-

7

1

Opeisbaar 121-180 dagen

3

1

4

1

Opeisbaar 181-360 dagen

1

1

6

2

Opeisbaar meer dan een jaar

3

2

2

2

Totaal

250

4

234

6

Bijzondere waardeverminderingsverliezen

Mutaties in de voorziening voor bijzondere waardeverminderingen met betrekking tot debiteuren gedurende het jaar waren als volgt:

(in miljoenen euro's)

2017

2016

Stand per 1 januari

6

8

Toevoegingen

1

2

Verbruik

-2

-3

Vrijval

-1

-1

Stand per 31 december

4

6

Waarderingsgrondslag

De debiteuren en overige vorderingen worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde plus eventuele direct toerekenbare transactiekosten. Na eerste opname worden deze gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs met behulp van de effectieve-rentemethode.

De Groep vormt een voorziening voor bijzondere waardeverminderingen ter grootte van de geschatte verliezen uit hoofde van handels- en overige vorderingen. De belangrijkste onderdelen van deze voorziening zijn een specifieke verliesvoorziening voor afzonderlijke belangrijke posities en een collectieve verliesvoorziening voor groepen vergelijkbare activa in verband met verliezen die zijn geleden, maar nog niet geïdentificeerd. De collectieve verliesvoorziening wordt bepaald op basis van historische betalingsgegevens voor vergelijkbare financiële activa.

Voorzieningen met betrekking tot debiteuren worden getroffen indien sprake is van een bijzondere waardevermindering, tenzij de Groep er zeker van is dat het onmogelijk is het verschuldigde bedrag terug te krijgen. In dat laatste geval wordt het bedrag aangemerkt als oninbaar en direct afgeboekt ten laste van het betreffende financiële actief.

Onderhanden projecten in opdracht van derden

(in miljoenen euro's)

31 december 2017

31 december 2016

Kosten onderhanden projecten

9

10

Gerealiseerde winsten en verliezen

-

-1

 

9

9

Af: Gedeclareerde termijnen

9

12

 

-

-3

Opgenomen onder:

  

Vorderingen op opdrachtgevers uit onderhanden projecten

-

1

Vooruitontvangen bedragen onderhanden projecten

-

-4

Waarderingsgrondslag

Onderhanden projecten in opdracht van derden worden gewaardeerd tegen kostprijs plus tot balansdatum genomen winst, verminderd met een voorziening voor voorzienbare verliezen en verminderd met gefactureerde termijnen naar rato van de voortgang van het project. De kostprijs omvat alle uitgaven die rechtstreeks verband houden met specifieke projecten en een toerekening van de gemaakte vaste en variabele indirecte kosten in verband met de contractactiviteiten op basis van de normale productiecapaciteit.

Er is sprake van een vordering indien het bedrag van de gemaakte kosten (inclusief het verantwoorde resultaat) hoger is dan het bedrag van de gefactureerde termijnen. Indien het bedrag van de gemaakte kosten (inclusief het verantwoorde resultaat) lager is dan het bedrag van de gefactureerde termijnen, is sprake van een schuld.

Van onderhanden projecten in opdracht van derden worden de contractuele opbrengsten en lasten in de winst-en-verliesrekening verwerkt naar rato van het stadium van voltooiing van het project. Het stadium van voltooiing wordt bepaald aan de hand van de kosten van de verrichte werkzaamheden in relatie tot de totaal verwachte kosten. Zodra een betrouwbare schatting kan worden gemaakt van het resultaat wordt een evenredig deel van de winst ten gunste van de winst-en-verliesrekening gebracht. Verwachte verliezen op projecten worden onmiddellijk geheel in de winst-en-verliesrekening opgenomen.

De crediteuren en overige schulden staan vermeld in noot 21.